De oude Romeinen waren grote liefhebbers van parfum en gebruikten het als een luxeartikel. Als de Egyptenaren de uitvinders waren, dan waren de Romeinen de vernieuwers, want zij bedachten allerlei geurproducten voor het genot van de goden en voor zichzelf.
Hoe gebruikten de Romeinen geurende zalven?
Geurende zalven, gemaakt van natuurlijke ingrediënten zoals bloemblaadjes en specerijen, werden oorspronkelijk gebruikt voor therapeutische en religieuze doeleinden.
Volgens oude gebruiken moesten de priesters geurende zalven op vuurpotten werpen om een kolom van geurige rook te creëren die de goden kon bereiken. Dat was de Romeinse manier om de goden te behagen en om hun zegen te vragen.
Geurende zalven verwierven al snel een reputatie als verzorgingsproduct om het lichaam te reinigen. De Romeinen hielden zich zowel thuis als in de antieke sportscholen bezig met deze reiniging. Ze genoten ervan om in de thermale baden, in het Unctorium, gemasseerd te worden met geparfumeerde oliën en zalven. Soms werden de oliën rechtstreeks aan het water toegevoegd.
Het moderne concept van luchtverfrissers vindt zijn oorsprong in het gebruik dat de Romeinen maakten van etherische oliën om tijdens officiële banketten een geurige sfeer te creëren.
Wat waren de populairste grondstoffen voor het maken van parfum?
De Romeinen gebruikten vaak rozen, lavendel, kweeperen, granaatappels, druiven, basilicum en rozemarijn in hun parfums. Kaneel, mirre en opobalsam (klassieke wierook) werden, samen met harsen, beschouwd als zeer kostbare ingrediënten.
Veel van de grondstoffen werden ook gewonnen uit gebieden die door de Romeinse troepen waren bezet. Daardoor maakten veel Romeinse soldaten en handelaren in eerste instantie gebruik van geurstoffen.
De Romeinen bedachten manieren om zalven, parfums, geparfumeerd water en zelfs geparfumeerde poeders te maken. Het distillatieproces of de blaasvormtechniek die we nu kennen, werd voor het eerst door de Romeinen toegepast. Zij begonnen ook met de traditie om parfum in glazen flesjes te bewaren.
Parfum als teken van rijkdom in het oude Rome
Parfum was onder de Romeinen een symbool van luxe en rijkdom. Daarom werd het overvloedig en bijna uitsluitend gebruikt door de elite uit de hogere klassen. Bij weelderige banketten, zoals hierboven vermeld, werd op grote schaal gebruikgemaakt van parfum om een sfeer van grandeur te creëren. Van het nuttigen van geparfumeerde asperges, geserveerd op geurige houten schalen, tot het besproeien van gasten met geparfumeerd water: de Romeinen lieten geen middel onbeproefd.
De opkomst van een wijk met parfumeurs, de „unguentarii“ genaamd, was een opwindende ontwikkeling voor rijke Romeinse edelen, die naar deze winkels konden gaan wanneer ze maar nieuwe essences wilden uitproberen. Het was gebruikelijk dat ze zich met parfum insmeerden, en nieuwigheden waren altijd welkom. Een populaire historische anekdote vertelt dat Caesar dol was op de geurnoten van Telinum, een zalf gemaakt van marjolein, fenegriek en gele honingklaver. Romeinse vrouwen gebruikten parfum in hun haar voor een overweldigende geuruitbarsting.
De verkoop van parfums in het oude Rome
Het is belangrijk op te merken dat er destijds geen parfumspeecialisten waren. Degenen die zich de dure grondstoffen konden veroorloven, konden experimenteren en hun eigen geuren creëren. De uiteindelijke prijs van een parfum hing af van tal van factoren, waaronder het materiaal van de verpakking. Aangezien de Romeinse elite er trots op was duur parfum te dragen, werden de prijzen van tijd tot tijd absurd hoog opgedreven.